Historiek van het 1 Regiment der Grenadiers

Eens Grenadier - Steeds Grenadier

 


 

                                              

 

Fier in rijzige gestalte, indrukwekkend in vertoon, trots om de erve van het verleden en om de adel van weleer, waren de Grenadiers door alle tijd de hechtste steun en toeverlaat van hun Vorst en Vaderland.


Fiers de leur haute stature, de leur tenue imposante et plus encore des nobles traditions de leur passé les Grenadiers furent toujours, Dans l’histoire le plus ferme et le dernier soutien de leur Prince et de leur Patrie.    


Proud of their high stature, of their imposing dress and more on their noble traditions of the past The Grenadiers were always, In the history, the firmest and the last support of their Prince and their Homeland


Vermelding door  Prins van Hohenlohe






Ontstaan van de “Grenadiers”


De militaire geschiedenis vermeldt reeds in het midden van de 16e eeuw het ontstaan van “Grenadiers”. Deze soldaten droegen een tas gevuld met kleine bommen en marcherend aan het hoofd van de stormtroepen slingerden ze die “granaten” naar de vijand.

De manschappen moesten groot en sterk zijn om hun projectielen zover mogelijk te kunnen werpen. En omdat het wapenen van de granaat en het juist richten ervan geen gemakkelijke opgave was, rekruteerde men ze uit de besten. De Grenadiers die men begon te vormen, verwierven dan ook onmiddellijk - en terecht - de faam van elitesoldaten ; een status die hen naast een hogere soldij ook nog bepaalde privileges verleende wat betreft kledij.



“LANGE KERL”, grenadier van het Pruisisch Leger in de 16e eeuw.


Het historisch hoofddeksel van de Grenadiers, de berenmuts , vindt zijn oorsprong in de 17e eeuw, daar de Grenadiers bij het granaatwerper veel hinder ondervonden van de toen algemeen gedragen, breedgerande hoeden. Men ging dan ook vrij snel over tot een smalle muts. En vermits men op de lichaamslengte lette, gaf men deze muts een lange vorm. Zo kwam men bij de mijter, die later in veel legers met berenhuid werd bekleed ; en de berenmuts, die in de meeste legers van die tijd het hoofddeksel van de Grenadiers werd, ontstond.


In de loop van de tweede helft van de 18e eeuw raakte de granaat in onbruik, maar het begrip Grenadier - elitesoldaat - overleefde. In bijna alle legers bleef men dan ook “elitecompagnieën” samenstellen, zoals ook in België waar na de onafhankelijkheid elk infanteriebataljon één compagnie Grenadiers bevatte.



Van 1837 tot 1914


Op 8 mei 1837 wordt door Koning LEOPOLD I het “Regiment van Verenigde Grenadiers en Voltigeurs”  opgericht. Dit gebeurt door het samenvoegen van de keurcompagnieën van elk vierde bataljon der linieregimenten. Het nieuwe regiment is samengesteld uit twee bataljons Voltigeurs. Elk bataljon bestaat uit zes compagnieën van elk minstens 100 man. Het blijven echter gedetacheerde afdelingen van de korpsen waaruit ze gerekruteerd zijn, wat heel wat problemen oplevert i.v.m. administratie en onderhoud.


Daarom wordt beslist dat vanaf 1 januari 1839 deze keurcompagnieën niet meer zullen behoren tot de regimenten waaruit ze afkomstig zijn  en worden ze ondergebracht in een organisatie van vier bataljons die de naam “Keurregiment” krijgt.


Het Regiment, dat sinds zijn oprichting in LEUVEN is gekazerneerd, verhuist in 1840 naar de kazerne Sint Elisabeth te BRUSSEL - waar het tot 1901 zal blijven.


De Kledij van het Regiment, die zich aanvankelijk niet onderscheidt van die van de linieregimenten, wordt in 1845 vervangen door een nieuw uniform, speciaal voor het Regiment. De belangrijkste vernieuwing is de invoering van de berenmuts, die voorbehouden blijft voor de staf van het Regiment en voor de twee compagnieën Grenadiers.  De Grenadiers zullen deze berenmuts dragen van 1845 tot het begin van de Eerste Wereldoorlog.


De twee compagnieën Voltigeurs van het Regiment worden vanaf  5 maart 1850 ingelijfd bij het Regiment Jagers-Karabiniers. Vanaf dan bestaat het Regiment nog uitsluitend uit Grenadiers en draagt de naam: “Regiment van Grenadiers”. We vinden immers nog steeds een compagnie Grenadiers terug in elk der 12 linieregimenten.


Die compagnieën in onderhoud bij de linieregimenten worden op 12 mei 1859 afgeschaft, en de enige Grenadiers van ons leger zijn nu samengebracht in één regiment, dat vanaf nu de naam “Regiment der Grenadiers” draagt.


Van 1864 tot 1867 maakt een bataljon Grenadiers deel uit van het Expeditiekorps voor MEXICO, belast met de verdediging van de kroon van Keizer MAXIMILIAAN en van zijn echtgenote Keizerin CHARLOTTE, dochter van Koning LEOPOLD I.



De “Carré”, een oefening van omstreeks 1870.


Vanaf 1882 nemen - onder impuls van Koning LEOPOLD II - veel Grenadiers deel aan het beschavingswerk in CENTRAAL AFRIKA.


Op 8 mei 1887 herdenkt het Regiment de vijftigste verjaardag van haar oprichting. Deze herdenking krijgt de vorm van wat met tegenwoordig “opendeurdagen” zou noemen, en wordt in aanwezigheid van de Koning, Prins Boudewijn en de Minister van Oorlog, in de namiddag gehouden in de kazerne Sint Elisabeth.


In 1901 verhuizen de Grenadiers van de Sint Elisabeth kazerne, waar ze 60 jaar verbleven, naar een nieuw kwartier dat de naam “Prins Albert” kazerne krijgt.



De Prins Albert kazerne te BRUSSEL anno 1905.



De Prins Albert kazerne te BRUSSEL anno 2002.


Op 23, 24 en 25 juni 1912 hebben daar de feestelijkheden van de vijfenzeventigste verjaardag van het Regiment, in de volksmond “De Garde van de Koningin” genoemd, plaats.  De ganse wijk van de Karmelieten- en Kernstraten was in volle feest ter deze gelegenheid. De belangrijkste plechtigheid vindt plaats op 23 juni in aanwezigheid van de Koning.



Z.M. Koning en Prins Leopold, komende uit de zaal der archieven,

waaraan zij een bezoek brachten. De Koning is in kleine kledij van Oppergeneraal terwijl de Prins een lange blauwgrijze mantel draagt.



De oorlog 1914 - 1918


Op 29 juli 1914 wordt het Regiment ontdubbeld in het 1ste en 2e  Regiment Grenadiers.


Ze nemen heldhaftig deel aan de gevechten rond ANTWERPEN,  waar ze zich in 1914 laten opmerken tijdens de verschillende uitvallen van augustus, september en oktober.


Ze spelen een actieve en moedige rol in de slag van de IJZER. En te TERVAETE onderscheiden ze zich ter gelegenheid van een tegenaanval, ingezet om de vijand die over de IJZER was geraakt, terug te drijven.


Gezien de verliezen, geleden tijdens de gevechten rond ANTWERPEN en gedurende de slag van de IJZER, moet op 7 november 1914 worden overgegaan tot het samensmelten van de twee Regimenten in één enkel. Op 25 december 1916 zal het Regiment terug ontdubbeld worden.


In april 1915 slaagt het Regiment erin om te STEENSTRAETE, dankzij heroïsche weerstand, een hevige aanval af te slaan. Bij die aanval gebruiken de Duitsers voor de eerste maal toxische gassen.


Tijdens het bevrijdingsoffensief laten de Grenadiers zich opmerken door in september  1918 de hoogten van PASSCHENDAELE aan te vallen en de tegenstrevers te verdrijven tot aan de grenzen van ROESELARE.


Als erkenning voor het heldhaftige gedrag van de Grenadiers draagt het Regimentsvaandel in gouden letters de roemrijke vermeldingen ANTWERPEN - IJZER - TERVAETE - STEENSTRAETE - PASSCHENDAELE, en is het versierd met de Nestel van de Leopoldsorde.



Ons vaandel werd door Koning LEOPOLD I plechtig overhandigd aan de eerste Korpscommandant, kolonel LOIX, op zaterdag 25 augustus in het kamp van BEVERLO.


De dodentol, door het Regiment betaald, is evenwel zeer hoog : op het Veld van Eer zijn 53 officieren, 122 onderofficieren en 1425 korporaals en soldaten gesneuveld.



Steenstraete van 22 tot 25 april 1915


De datum van 22 april wordt gekozen als DAG VAN DE GRENADIERS. Die datum duidt immers het begin aan van de gevechten, waarin het Regiment door zijn heldhaftige weerstand de bres kan beperken die geslagen wordt door de Duitsers op de rechterflank van het Belgisch leger. De Duitsers maken te STEENSTRAETE op 22 april 1915 voor het eerst gebruik van gifgassen.


STEENSTRAETE is een gehucht gelegen langs het Kanaal van IEPER, dat toen bestond uit een achttal huisjes, in kruisvorm rond een brug gebouwd. Eén van deze huisjes vormde de grens tussen de Belgische sector - de stellingen van de Grenadiers - en de Franse sector.


De gevechten


Op 22 april 1915, om 17 uur, breekt plots een hevig bombardement los op de Franse stellingen en op de stellingen van de Grenadiers. Kort nadien ontsnappen uit de voorste vijandelijke stellingen koperkleurige dampen, die al snel een wolk vormen en - gedreven door de wind - plat tegen de grond voortgestuwd worden in de richting van de verdedigers van STEENSTRAETE. Weldra ziet men op de Franse stellingen de soldaten naar de keel grijpen en neerstorten. Anderen trekken in paniek achteruit: het zijn gifgassen!


De Duitse infanterie volgt op de voet en slaagt er gemakkelijk in het Kanaal tussen STEENSTRAETE en HET SAS  te overschrijden. De verbinding tussen het Franse en het Belgische leger wordt verbroken.



De Grenadiers in de sector STEENSTRAETE - HET SAS,

Sergeant VAN SEVEREN aan de periscoop.


Op bevel van de regimentscommandant der Grenadiers komen de bataljons van piket en van rust op het strijdveld en bezetten een grendelstelling tussen het Kanaal en de noordergrens van het gehucht LIZERNE.


Op 23 april woedt de strijd verder, en bezetten de Duitsers het gehucht LIZERNE. De 24e bij dagenraad verlaten ze LIZERNE en doen een aanval in de richting van de Molen, om de rechterflank van het Regiment op te rollen. Onthaald op een hevig vuur worden ze echter dadelijk gestopt en teruggedreven door een stormaanval van de Grenadiers met de bajonet op het wapen.


In de nacht van 24 op 25 april wordt het Regiment afgelost door het 3e Linieregiment en begeeft het zich op kantonnement te OOSTVLETEREN en ELSENDAMME.




De gevechten te STEENSTRAETE van 22 tot 25 april 1915.



Sector STEENSTRAETE 1917 - Mortier Delattre

(7 granaten verbonden door ijzerdraad van verschillende lengte).



Periode tussen beide Wereldoorlogen


Na de bezettingsopdrachten in Duitsland komt het Regiment op 5 december 1919 terug in garnizoen in de kazerne Prins Albert te BRUSSEL. Het blijft er tot september 1939, periode die slechts onderbroken wordt voor een bezettingsopdracht in het RUHRGEBIED van eind juni tot eind november 1924.


Op 22 april 1921 wordt op de binnenplaats van de Prins Albert-kazerne een gedenkteken in de vorm van een bronzen plaat ingehuldigd. Dit gebeurt in aanwezigheid van de Koning, de Minister van Landsverdediging, een groot aantal burgerlijke en militaire autoriteiten en een massa oud-Grenadiers, vergezeld van hun familieleden.






















Gedenkteken, ingehuldigd op 22 april 1921 op de binnenplaats van de Prins Albert-kazerne.


Op 17 februari 1934 overlijdt Koning ALBERT I te Marche-les-Dames. Onze diepbetreurde Vorst wordt op 22 februari op de schouders van acht onderofficieren van de Grenadiers naar zijn laatste rustplaats gedragen.


Achttien maanden later, op 3 september 1935, krijgen de Grenadiers de eer en de droevige opdracht onze geliefde Koningin Astrid ten graven te dragen.


Op 22 april 1934 wordt bij de Molen van LIZERNE het monument STEENSTRAETE ingehuldigd in aanwezigheid van Koning LEOPOLD III en de Minister van Landsverdediging.



Inhuldiging van het monument STEENSTRAETE door Zijne Majesteit Koning LEOPOLD III.


Van 2 tot 13 mei 1937 viert het Regiment zijn honderdjarig bestaan. Ter gelegenheid van dit eeuwfeest worden een aantal ceremoniën en feesten op het getouw gezet, waarbij vooral de “Geschiedenis van het Regiment” wordt beklemtoond. De wapenschouwing vindt plaats op 9 mei in aanwezigheid van de Koning.


Vlak vóór het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog wordt het Regiment ééntalig Nederlands. Dit gebeurt vanaf de inlijving van de lichting 1939 en volgende.



De achttiendaagse veldtocht


Op 10 mei 1940, na acht maanden mobilisatie en het innemen van verschillende stellingen, houdt het 1e Regiment Grenadiers een ondersector in de streek van TESSENDERLO. Op 11 mei trekt het 's avonds op bevel terug naar de lijn KONINGSHOOIKT-WAVER, waar het de 13de , na uitputtende marsen, aankomt en stelling neemt in de ondersector BLAUWENHOEK, ten zuiden van LIER.


Op 16 mei, na enkele contacten met de vijand, breken de Grenadiers bij nacht het gevecht af en trekt het Regiment zich op bevel terug naar het Kanaal van TERNEUZEN. In de loop van 18 mei bereiken de Grenadiers het Kanaal en installeren ze zich in hun kantonnementen. Op 19 mei beginnen de verdedigingswerken op de westelijke oever, ter hoogte van het SAS VAN GENT.

De 21ste zijn er talrijke schermutselingen met de vijand, die echter alle aflopen in het voordeel van de Grenadiers.


Op 22 mei wordt het regiment afgelost door het 2de Regiment Karabiniers-Wielrijders en begeeft het zich op bevel naar het Afleidingskanaal van de LEIE. Het Regiment komt op 23 mei aan en begint onmiddellijk met de organisatie van de verdediging ter hoogte van het dorp BALGERHOEKE. De 24ste wordt er hevig gevochten en de 25ste wordt het Regiment afgelost door het 7de  Jagers te Voet. Het wordt overgebracht naar de streek van ROESELARE ter versterking van het 4de Legerkorps, dat zich in moeilijkheden bevindt.


Op 26 mei komen de Grenadiers in de streek van ROESELARE aan, waar ze bevel krijgen zich dringend in verdediging op te stellen teneinde de hergroepering te dekken van het 9de Linieregiment, van de 3de en de 5de Jagers te Voet. 's Avonds krijgen ze het bevel deze opvangstelling om te vormen tot weerstandsstelling.


De 27ste hebben 's ochtends de eerste contacten met de vijand plaats. De Grenadiers, die opgesteld staan ter hoogte van het park van het Kasteel van RUMBEKE, verdedigen zich hardnekkig en de vijand slaagt er niet in hun stellingen te doorbreken.


In de nacht van 27 op 28 mei krijgt het regiment het bevel zich terug te trekken naar ROESELARE en er de zuid- en oostrand van de stad te verdedigen. Op 28 mei vernemen de Grenadiers er het stopzetten van de vijandelijkheden: het Belgische leger heeft gecapituleerd.


Gedurende de volgende dagen kunnen veel Grenadiers, dankzij de verwarring, ontkomen aan de Duitse controle. Op 1 juni is het regiment dan feitelijk ook ontbonden. Vele Grenadiers zullen zich echter weldra hergroeperen in afwachting dat ze de strijd kunnen hervatten.


Niettegenstaande de relatief korte duur van de gevechten eist ook deze oorlog zijn slachtoffers: 19 officieren, 33 onderofficieren en 216 korporaals en soldaten laten hun leven voor het Vaderland.



De Weerstand


Op 4 juni 1940 worden door commandant KAEKENBEECK de eerste contacten gelegd die zullen leiden tot de oprichting van een groepering Weerstanders-Grenadiers van het Geheim Leger.



Commandant Kaekenbeeck.


Diverse opdrachten worden in samenwerking met andere gelijkaardige groeperingen en met de geallieerde strijdkrachten uitgevoerd. Meer dan 100 Grenadiers sterven tijdens deze opdrachten en in concentratiekampen.



Van 1945 tot 1992


Na de bevrijding wordt in 1945 de 4de Infanteriebrigade opgericht, die op 7 februari 1945 de naam 4de Infanteriebrigade STEENSTRAETE aanneemt, als herinnering aan het glorierijke verleden der Grenadiers.

Op 27 mei 1946 verliest de brigade deze roemrijke naam en het zijn haar bataljons die de naam en de tradities van de vroegere regimenten verwerven. Het 2de bataljon van de 4de Infanteriebrigade wordt het 1ste Bataljon Grenadiers.


Na bijna 100 jaar inkwartiering te BRUSSEL worden de Grenadiers in 1946 gekazerneerd te BÜREN, in 1947 te Aken en tenslotte in februari 1951 te SOEST.



Gedenkteken in het Kwartier STEENSTRAETE te SOEST.


Tijdens de wereldtentoonstelling van 1958 te Brussel verblijft het Regiment in de kazerne Luchtbal te ANTWERPEN. Het Regiment neemt deel aan de opening van de wereldtentoonstelling en vaardigt talrijke eredetachementen af.


Op 24 en 25 mei 1960 vertrekt een compagnie Grenadiers naar KAMINA in CONGO. Vanaf  9 juli treedt deze marseenheid in actie ter bescherming van de morele en materiële belangen van ons land. Haar actie is succesvol te ELISABETHSTAD, JADOTVILLE (Kamp MWADIGUSHA), KANIAMA, BUKAMA, MALENMBA-NKULU, MWANZA, MULONGO, KABONGO en KABUMBULU. Op 1 en 2 september komt de compagnie terug aan te BRUSSEL.



Vertrek van een “marscompagnie” Grenadiers naar Kongo.


Het jaar 1960 wordt in een droevige atmosfeer afgesloten. In BELGIË dreigen stakingen de orde te verstoren en tijdens de kerstdagen worden troepen geconsigneerd. De Grenadiers moeten zich klaar houden om marscompagnieën naar BELGIË te zenden. Op 9 januari 1961 vertrekt het Regiment met drie compagnieën en een beperkte staf naar TIENEN, waar het in “Algemene Reserve” blijft. Het keert terug op 13 januari, zonder te zijn ingezet.


Op 9 februari 1961  de stad BRUSSEL, van 1840 tot 1939de garnizoenstad der Grenadiers, het peterschap over Het Regiment. Ter gelegenheid daarvan heeft op de Grote Markt een wapenschouwing plaats en ontvangt het Regiment uit handen van de Heer COOREMANS, burgemeester van BRUSSEL, als geschenk een keramiek beeld van St.-MICHIEL, patroon van de stad.



De Heer Cooremans, burgemeester, en Luitenant Kolonel Guigon, Korpscommandant,

schouwen de aangetreden Grenadiers tijdens de plechtigheid op de Grote Markt te BRUSSEL.


Op 24 april van hetzelfde jaar wordt een afvaardiging onder leiding van LtKol Guigon ontvangen op het Koninklijk Paleis door Z.M. Koning BOUDEWIJN en H.M. Koningin FABIOLA. In naam van het Regiment wordt als huwelijksgeschenk een pendule aangeboden.


Op 22 augustus 1961 vertrekt er een marscompagnie naar RUANDA - BURUNDI  en blijft er tot 26 januari 1962.


In september 1961 ontvangt het regiment 35 Full-Tracks van het type M75. De overschakeling van infanterie te voet naar gepantserde en gemotoriseerde infanterie is dan ook een feit en in 1962 wordt het Bataljon Infanterie het Bataljon Pantserinfanterie.



Full-Tracks van het type M75.


Op 30 november 1965 vindt de begrafenis van Koningin ELISABETH plaats. Op onberispelijke wijze voert een detachement Grenadiers, bestaande uit 3 officieren, 22 onderofficieren (waaronder ik als 1ste Sergeant) en 70 korporaals en soldaten, zijn eervolle doch delicate opdracht uit: het trekken en afremmen van een speciaal voor deze gelegenheid gemaakt platform, waarop de kist geplaatst wordt; het dragen van de kist tijdens de uitvaart in de Sint Michielskerk te BRUSSEL; het dragen van de kist tijdens de bijzetting in de crypte te LAKEN.



Het detachement van het 1ste Grenadiers dat deelnam aan

de begrafenisplechtigheid van H.M. Koningin ELISABETH.


In 1969 worden de Full-Tracks van het type M75 vervangen door het type AMX-13



De AMX-13.


Op 19 april 1969 viert het Regiment - voor de eerste maal sinds het vertrek in 1939 - zijn regimentsfeesten te BRUSSEL.


In 1975 doet de CVRT, het nieuwe voertuig voor de Verkenners, zijn intrede in het Regiment. In 1978 volgt de Missile Set MILAN.



De Scorpion, een verkenningsvoertuig van de CVRT-familie, uitgerust met een kanon van 76 mm.


Op 11 juni 1979, nemen de Grenadiers deel aan de feestelijkheden ter gelegenheid van het Millennium van de stad BRUSSEL en vieren ze er hun Regimentsdag.


Op 1 oktober 1983 krijgen de Grenadiers de eer en de treurige opdracht het stoffelijk overschot van Z.M. Koning LEOPOLD III ten graven te dragen.



Tien onderofficieren van het Regiment dragen het stoffelijk overschot van

Z.M. Koning LEOPOLD III tijdens de begrafenisplechtigheid van 10 oktober 1983.


In januari 1986 wordt een peloton JPK aan het Regiment toegevoegd en wordt de Steuncompagnie - in 1978 samengesmolten met de Staf & Dienstencompagnie - terug opgericht. De compagnie bestaat uit een peloton Verkenners, een peloton JPK, een peloton Mortieren 4”2 en een peloton MILAN.



De JPK, uitgerust met een kanon van 90 mm.



Een mortier 4”2 in schootsstelling.



De antitank missile MILAN.


In 1986 en 1987 worden de voertuigen AMX-13, sinds 1969 in gebruik, vervangen door de M113 en de AIFV.



Het bergingsvoertuig M113 RECOVERY.



DE AIFV, het voertuig van de infanterie, hier uitgerust met een kanon 25 mm.


Op 26 juni 1987 hebben, ter gelegenheid van het 150-jarig bestaan van het Regiment, de regimentsfeesten plaats op de Grote Markt te BRUSSEL. Tijdens de festiviteiten wordt de Muziekkapel der Grenadiers, na vele jaren afwezigheid, terug in de rangen van het Regiment opgenomen en wordt het vaandel van de “Verbroedering der Grenadiers Oud-Strijders 1914-1918” door voorzitter Kolonel VAN HOREN aan het Regiment overhandigd.



Vaandrig, escorte en eredetachement tijdens de defilé op 26 juni 1987.



Kolonel VAN HOREN, voorzitter van

de Verbroedering der Grenadiers Oud-Strijders 1914-1918,

overhandigt het vaandel van de Verbroedering aan

de Korpscommandant, LtKol SBH VANDAMME.


Van 3 tot 31 juli 1988 wordt in het Legermuseum te BRUSSEL een grote tentoonstelling georganiseerd met als thema: “Belgische Grenadiers, 150 jaar geschiedenis”. De tentoonstelling kent een groot succes, met als hoogtepunt op 12 juli het bezoek van Z.M. Koning BOUDEWIJN.



Het bezoek van Z.M. Koning BOUDEWIJN aan de tentoonstelling.


In de laatste jaren zijn de opdrachten van de Grenadiers zeer complex geworden door hun aard, diversiteit en omvang. Een intensieve training, waarbij de idee van “zuivere infanterist” de plaats ruimt voor een strijder met “all round” kennis, dringt zich dan ook op.


Daarom wordt de Grenadier opgeleid in individuele technieken als eerste hulp bij ongevallen, beschermingsmaatregelen bij nucleaire, biologische of chemische conflicten, identificatie van voertuigen, reglementen, de techniek van close combat, bewapening en schootsonderricht.


Daarnaast wordt hij getraind in het uitvoeren van zijn specifieke taak die hij in de schoot van de sectie en peloton vervult: Hij leert tactisch werken om de overlevingskansen van zichzelf én van zijn kameraden in het gevecht te vergroten.


Regelmatig worden al deze aspecten in het kader van langdurige oefeningen in alle terrein ingeoefend en krijgt de Grenadier te maken met diverse materialen die soms een ver doorgedreven training vergen.


In al deze moeilijke en ongewone omstandigheden ontwikkelt de Grenadier zijn zin voor kameraadschap en team spirit. Het sterk aaneengesloten milieu van het Regiment helpt hem hierin.



Tradities


De Grenadiers waren en zijn nog steeds trots op hun roemrijk verleden, en de heldhaftige overleveringen en tradities van hun voorgangers worden zorgvuldig bewaard in het hart en de ziel van elke oud-Grenadier.


In 1970 komt er in het Regiment een “traditiezaal” tot stand dankzij de onbaatzuchtige medewerking van kader en manschappen. In deze zaal wordt aan de hand van historische waardevolle schenkingen van talrijke oud-Grenadiers, een waardig beeld weergegeven van het grootste verleden van het Regiment.


Ook in de Prins Albert-kazerne kan men nog tot op vandaag de geschiedenis van de Grenadiers terugvinden. Men vindt er het monument, opgericht ter herinnering aan de gesneuvelde Grenadiers.



Prins Albert kazerne voorgevel aan de Carmelietenstraat.


In het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis vind men enkele kunstwerken van de hand van Edwin GANZ met de heldhaftige Grenadiers als onderwerp.



De aanval op het Plateau van Scherpenheuvel op 4 september 1894,

vereeuwigd door het penseel van Edwin GANZ.


De band van de Grenadiers met hun voorgangers komt tot uiting in de leuze:


EENS GRENADIER - STEEDS GRENADIER


Ook in de traditiekledij, die bij tal van ceremonies gedragen wordt, herleeft het verleden:


- Het kleine escorte van het Vaandel wordt in 1960 uitgerust met uniformen van vóór 1914;

- in 1964 wordt een eredetachement van 2 x 18 manschappen uitgerust met deze kledij;

- in 1968 wordt het kleine escorte nieuwe berenmutsen, geschonken door de “Vriendenkring van de Officieren van de Grenadiers”;

- in 1968 wordt het kleine escorte uitgerust met de traditiekledij van 1845;

- in 1973 ontvangt het Regiment 50 nieuwe traditiekledijen van vóór 1914, geschonken door de Heer Georges FICHEFET.



Vaandrig en escorte in traditiekledij bij het verlaten van de Dom te SOEST.



Koninklijke Prinsen




Het Regiment der Grenadiers heeft de eer achtereenvolgens de volgende Koninklijke Prinsen in zijn rangen te hebben mogen tellen:


De Hertog van Brabant (Leopold II) werd op 16 oktober 1846 als Onderluitenant bij het Regiment ingelijfd, waar hij alle graden verwierf. Hij verliet het Regiment op 21 juli 1855 met de graad van Generaal-Majoor en bleef erecommandant tot zijn troonsbestijging in 1865.




Prins Boudewijn (Kroonprins van België) werd op 5 mei 1886 benoemd tot onderluitenant en ingeschreven op de rol van het Regiment. Hij bleef tot 26 december 1888 in het Regiment, datum waarop hij benoemd werd tot Luitenant en overging naar het Regiment der Karabiniers.




Prins Albert (ALBERT I) werd op 17 december 1892 erkend als Onderluitenant van het Regiment: Hij verwierf alle graden en bleef bij de Grenadiers tot hij op 8 april 1904 tot Generaal-Majoor werd benoemd en vertrok naar het Hoger Bestuur van het Stafkorps.




De Hertog van Brabant (LEOPOLD III) werd Onderluitenant op 26 december 1922 en ingedeeld bij het Regiment. Hij bleef bij het Regiment tot 21 juli 1933, de dag dat hij benoemd werd tot Kolonel en overging naar de Generale Staf van het leger. Hij droeg het uniform der Grenadiers nog toen hij na de dood van Koning Albert I op 17 februari 1934, de troon besteeg.




Op 27 september 2007 legt Z.K.H. Prins AMADEO, Aartshertog van Oostenrijk-Este, Prins van Oostenrijk, Prins van Hongarije en Bohemen, als Onderluitenant in de Reserve van het 2de Regiment Grenadiers de eed af. Hij is de VIJFDE Prins die de eed aflegt op een vaandel van een Grenadiersregiment, dit maal op het vaandel van het Regiment Carabiniers-Grenadiers. De Grenadiersmuts werd de Prins overhandigd door LtKol VI S.B.H. J.J. DAVID, commandant van de Militaire Regio BRUSSEL Hoofdstad, welke het vaandel en de tradities van het 2de Regiment Grenadiers overgenomen heeft na zijn afschaffing.



Affiliaties


Het Regiment der Grenadiers was geaffilieerd met volgende eenheden:


2nd Battalion The Queens Regiment (Groot-Britannië).

http://2nd-queens.com


Den Kongelige Livgarde (Denemarken).

http://forsvaret.dk/LG/


11 Painfbat Garde Grenadiers (Nederland).

http://www.gardegrenadiers-swk.nl


Panzergrenadierbataillon 192 (Duitsland).

http://www.pzgrenbtl192.de


1st Battalion Grenadiers Guards (Groot-Britannië).

http://www.army.mod.uk/infantry/regiments/3485.aspx


1st Battalion Royal Canadian Regiment (Canada) Ontbonden in 1971.



Korpscommandanten


01  Kol LOIX                                                         11/05/1837 - 09/04/1841

02  Kol DEYS                                                        09/04/18412 - 1/07/1842

03  Kol BORREMANS                                            29/07/1842 - 17/07/1845

04  Kol VANDERLINDEN                                       20/07/1845 - 16/08/1847

05  Kol MOTTE                                                     29/08/1847 - 27/01/1849

06  Kol Baron van RODE, A                                   25/02/1849 - 25/06/1853

07  Kol DAMMAN                                                25/06/1853 - 08/03/1854

08  Kol Baron GOETHALS                                     17/03/1854 - 08/05/1859

09  Kol BULS                                                         12/05/1859 - 20/07/1861

10  Kol JAMBERS                                                  31/07/1861 - 31/12/1862

11  Kol BOEKING                                                 06/01/1863 - 09/06/1867

12  Kol TERWANGE                                              11/06/1867 - 18/12/1870

13  Kol Baron vander SMISSEN                             25/12/1870 - 26/03/1875

14  Kol Ridder de HONTHEIM                               27/03/1875 - 25/06/1877

15  Kol SIERSAECK                                               26/06/1877 - 30/09/1879

16  LtKol Baron van RODE, S (a.i.)                         30/09/1879 - 23/05/1880

17  Kol Baron van RODE, S                                   23/05/1880 - 04/11/1886

18  Kol VERGOTE                                                 04/11/1886 - 26/06/1890

19  Kol ROUEN                                                    28/06/1890 - 26/03/1897

20  Kol SA WAHIS                                                28/06/1897 - 29/03/1900

21  Kol Baron de HEUSCH                                     27/09/1901 - 26/03/1905

22  Kol SA LANTONNOIS                                     26/03/1905 - 07/04/1905

23  Kol SA KEUCKER (a.i.)                                    07/04/1905 - 19/06/1907

24  Kol SA LANTONNOIS                                     19/06/1907 - 14/04/1908

25  Kol SA KEUCKER                                             26/04/1908 - 25/03/1909

26  Kol SA ROBIN                                                 25/03/1909 - 18/08/1909

27  Kol DERUETTE                                                 26/09/1909 - 26/03/1913

28  Kol SA GHISLAIN                                           26/03/1913 - 26/06/1914

29  Kol SA LEFEBURE                                            26/06/1914 - 12/03/1915

30  GenMaj LOTZ                                                 12/03/1915 - 24/12/1916

31  Kol SA BORREMANS                                      24/12/1916 - 06/03/1917

32  Kol SA Baron de POSCH                                 06/03/1917 - 17/09/1918

33  Kol SA Jonkheer de CALLATAIJ                        17/09/1918 - 07/02/1919

34  Kol SA BINJE                                                  07/02/1919 - 17/06/1924

35  Kol SBH ETIENNE                                            17/06/1924 - 18/06/1929

36  Kol SBH BRASSINE                                          18/06/1929 - 26/06/1932

37  Kol SBH DE GROX                                           26/06/1932 - 26/12/1933

38  Kol SIX                                                            26/12/1933 - 04/06/1934

39  Kol SBH MICHIELS                                          04/06/1934 - 24/11/1936

40  Kol SBH FROMONT                                        07/01/1937 - 13/10/1938

41  Kol SBH Van SPRANG                                     13/10/1938 - 15/03/1945

42  Maj THOMAS                                                 15/03/1945 - 30/06/1946

43  LtKol LAFORET                                                01/07/1946 - 15/01/1948

44  LtKol SBH Graaf d’Ursel                                   18/01/1948 - 31/03/1949

45  LtKol SBH BERBEN                                           01/04/1949 - 31/05/1950

46  LtKol HUYS                                                      01/06/1950 - 08/01/1952

47  Maj CHARBONELLE                                        09/01/1952 - 30/06/1952

48  LtKol HACHE                                                   01/07/1952 - 15/10/1953

49  Maj DENDAUW                                              15/10/1953 - 15/01/1955

50  Maj DERAYMAEKER                                        15/01/1955 - 31/07/1955

51  LtKol RAMAEKER                                             01/08/1955 - 07/04/1959

52  LtKol SBH GODET                                            07/04/1959 - 28/09/1960

53  LtKol GUIGON                                                28/09/1960 - 18/03/1963

54  LtKol  SBH PENNEMAN de BOSSHEYDE          18/03/1963 - 10/04/1965

55  LtKol SBH GONTIER                                        11/04/1965 - 29/04/1967

56  LtKol SBH AMERYCKX                                     29/04/1967 - 19/04/1969

57  LtKol SBH MATTHYS                                        19/04/1969 - 10/07/1970

58  LtKol SBH LION                                               10/07/1970 - 22/04/1972

59  LtKol VROOME                                               22/04/1972 - 27/04/1974

60  LtKol SBH DEMESMAEKER                               27/04/1974 - 22/06/1976

61  LtKol SBH VAN DEN STEEN                             22/06/1976 - 21/04/1978

62  LtKol SBH MERCKAERT                                    21/04/1978 - 20/06/1980

63  LtKol SBH MIGNON                                        20/06/1980 - 03/06/1983

64  LtKol SBH DE WEVER                                       03/06/1983 - 30/01/1986

65  LtKol SBH VANDAMME                                   30/01/1986 - 30/06/1989

66  LtKol SBH VERLINDEN                                     30/06/1989 - 26/06/1992




De dienstplicht van 1909 tot 1995


Tot 1909 bestond het Belgisch Leger uit vrijwilligers en lotelingen. In 1909 werd de dienstplicht voor één zoon per gezin ingevoerd, op 30 augustus 1913 de algemene dienstplicht. Vanaf 1963 konden gewetensbezwaarden een burgerdienst vervullen. In 1994 werd de dienstplicht onder minister van Landsverdediging  Leo DELCROIX (CVP) opgeschort en worden er geen dienstplichtigen meer opgeroepen. Op 5 februari 1995 zwaaiden de laatste dienstplichtigen af.



Van 1992 tot ...


Vanaf 1989 brengt GORBATSJOV met zijn ideeëngoed (Glasnost, Perestroïka) een hele politieke en sociale omwenteling  teweeg: het IJzeren Gordijn brokkelt af, de Berlijnse Muur verdwijnt, het Warschau-pact spat uiteen en de Sovjettroepen trekken zich terug uit de satellietlanden. Het jarenlange vijandige beeld van de Sovjetunie verdwijnt en de NAVO-partners reorganiseren zich.


Begin de jaren negentig beginnen de geruchten over de terugtrekking van de BELGISCHE STRIJDKRACHTEN DUITSLAND door te sijpelen tot in het Regiment. Wanneer het gerucht officieel bevestigd wordt, worden er verwoede pogingen gedaan, door de verbroederingen en actieve Grenadiers van alle rangen, om het bestaan van dit Koninklijk traditierijk Regiment te vrijwaren.

Desondanks alle pogingen gaat het Regiment 1e Grenadiers op 26 september 1992 definitief over naar de reserve.


De laatste Chefs van het Regiment 1e Grenadiers


Regiment

Commandant: LtKol SBH VERLINDEN

RSM: ADC DEMETS


Staf

2e Commandant: Maj DESMIDT

S1: OLt MELDERS

S3: Cdt VERFAILLE

S4: Lt DESFOSSES


1e Compagnie “Royal First”

Commandant: Kpt BRIGE

CSM: 1SM VERRAES


2e Compagnie “Yellow Boys”

Commandant: Kpt VAN DEN STEENDAM

CSM: 1SM ROOS


3e Compagnie “De Arenden”

Commandant: Kpt RUYS

CSM: 1SM GROBBEN


Staf & Diensten Compagnie

Commandant: Lt PHILIPPE

CSM: ADC PAUWELS


Operatie REFORBEL (Return of Forces to Belgium) zorgt voor de terugtrekking van de Belgische Strijdkrachten Duitsland. Hierbij fusioneert  het regiment 1e  Grenadiers met het 1e  Carabiniers Prins Boudewijn. De tradities van het Regiment GRENADIERS worden overgeheveld naar het Regiment Carabiniers Prins Boudewijn - Grenadiers.


Op de fusieplechtigheid van 27 juni 1992 te LEOPOLDSBURG  wordt door Z.K.H. Prins FILIP het nieuwe vaandel van de 1e Regiment Grenadiers overhandigd aan Majoor SBH DE MUYTER, de eerste korpscommandant van de fusie-eenheid Regiment CARABINIERS PRINS BOUDEWIJN - GRENADIERS (1C-1GR).


Het Regiment Carabiniers Prins Boudewijn - Grenadiers was aanvankelijk bedoeld als bandeenheid die op beslissing van de Stafchef van de Landmacht, in tijd van crisis of in oorlogstijd, zich zou ontdubbelen en de twee oorspronkelijke Regimenten met hun oorspronkelijke benamingen heroprichten.

In het kader van het herstructureringsplan van de Krijgsmacht werd echter op datum van 1 januari 1994 het bandconcept opgegeven, en blijft het Regiment Carabiniers Prins Boudewijn - Grenadiers  ook op oorlogsvoet als gefusioneerde eenheid bestaan. Als gevolg van deze beslissing heeft Z.K.H. Koning ALBERT II op 21 oktober 1994 een nieuw vaandel toevertrouwd aan het Regiment. De oorspronkelijke vaandels worden bewaard in de traditiezaal van het Regiment te LEOPOLDSBURG.


In 1994 wordt het 1e  Grenadiers ook in de reserve ontbonden.



Verbroederingen


De gebeurtenissen van 1914-1918 en 1940-1945 hebben aanleiding gegeven tot het ontstaan van de verbroederingen die wij nu kennen, maar reeds lang tevoren hadden oud-militairen zich verenigd.


In het Regiment bestonden er vóór 1914:


- de vereniging “De Broederlijke Granaat”, die oud-korporaals en oud-Grenadiers groepeerden. De vereniging ontving haar vlag uit handen van de Koning op 22 juli 1900.


- de “Vereniging van Ex-Onderofficieren van het Regiment der Grenadiers”. Ze werd opgericht in 1901.


Vandaag kennen wij de volgende verbroederingen:


- Koninklijke Nationale Verbroedering der Grenadiers

http://www.grenadiers.be


- Koninklijke Verbroedering der Grenadiers Vlaanderen

http://www.koninklijkegrenadiersvlaanderen.be


- Vriendenkring Onderofficieren Grenadiers

demets.1gr@mobistar.be


- Mars Compagnies 1e Grenadiers (1960-1961)


- Nationale Oudstrijders en Soldatenbond Zuidschote

stefaan.versavel@telenet.be


- Verbroedering der Grenadiers Sector Adegem

richard.verstuyf@skynet.be


- Club Grenadiers Soest

vanderreethm@t-online.de


- Grenadiers Klas 56


- Grenadiers Klas 58-59


- Grenadiers Klas 63

frans.degroeve@telenet.be








 

webmaster: martinod@me.be

Officier

Garderegiment Grenadiers

Nederland